In de jaren 1996 tot en met 1998 en ook in 2002 was het tijdens de Vierdaagse aangenaam weer met temperaturen tussen 20 en 23 graden. Heel wat aangenamer dan in 1995 en 2003 toen resp. 21 en 17 juli met 35 graden in Nijmegen de heetste Vierdaagsedagen waren in de historie. Door een naderend onweer nam de vochtigheidsgraad van de lucht bovendien toe, waardoor de hitte zeer onaangenaam werd en veel mensen onwel werden.

Ook in 1994 moesten de lopers de afstanden afleggen in de felle zon en temperaturen tussen 25 en 30 gradeen. De ergste hitte kwam gelukkig net na de Vierdaagse: op 24 juli 1994, twee dagen na het wandelfestijn, steeg de temperatuur in Nijmegen tot 35 graden.

In veel gevallen was het koeler met regenperiodes of buien. Enkele Vierdaagsedagen vielen volledig in het water met langdurig regen bij temperaturen rond 15 graden. In 1999 was vooral de donderdag slecht: het regende de hele dag en het wandelgebied rond Nijmegen kreeg zo'n 10 mm! De koudste start beleefden de lopers in 1971: de eerste dag (20 juli) was het 's ochtends maar 8 graden. De Nijmeegse Zomerfeesten die al het weekeinde voorafgaand aan de Vierdaagse beginnen, kregen zelfs te maken met voor juli zeer lage nachtelijke temperaturen van 3 graden en in de omgeving plaatselijk zelfs vorst aan de grond.

De laatste veertig jaar was het tijdens de hele Vierdaagse slechts vijf keer alle dagen koud met temperaturen tussen 15 en 18 graden. In de meeste gevallen was het normaal Hollands juli-weer: licht wisselvallig met af en toe regen of een bui en middagtemperaturen van ongeveer 21 graden.

De Nijmeegse Vierdaagse van 2003 was een van de warmste ooit: op 16 juli werden langs het hele parcours tropische temperaturen gemeten van circa 35 graden, een evenaring van de hoogste waarden die ook op 21 juli 1995 zijn gemeten. Vlak over de grens in Kalkar werd zelfs 37.0 graden gemeten.